Peter de Haan over bouwen, recht en het maken van de juiste afweging
Zijn vader was timmerman. De bouw was daardoor nooit ver weg, maar gewoon onderdeel van de dagelijkse werkelijkheid. Die interesse nam Peter de Haan vanzelf mee toen hij ging studeren. Hij begon met civiele techniek in Den Bosch, maar merkte al snel dat alleen de technische kant hem niet volledig trok.
Na zijn afstuderen besloot hij daarom een andere richting toe te voegen: rechten. In Nijmegen kwam hij uit bij het omgevingsrecht. In dit vak komen die werelden samen.
Vanuit de achterkamer
Peter begon bij een advocatenkantoor, maar de periode die hem het meest heeft gevormd, was zijn tijd bij de Raad van State. Vier jaar werkte hij daar in de bouwkamer, waar hij niet alleen dossiers behandelde, maar vooral zag hoe beslissingen daadwerkelijk tot stand komen.
Hij zag van binnenuit hoe rechters tot hun beslissing komen. Wat ze belangrijk vinden en wat niet. Die ervaring heeft zijn manier van werken blijvend beïnvloed. Hij kijkt niet alleen naar wat er formeel nodig is in een vergunning, maar vooral naar wat uiteindelijk juridisch standhoudt. Welke argumenten dragen echt bij, en welke voegen weinig toe.
“Sinds de Omgevingswet is iedereen nog zoekende. Zonder duidelijke rechtspraak moet je zelf blijven afwegen wat nodig is.”
Wanneer het werk begint
Die manier van kijken komt het sterkst naar voren wanneer een vergunning onder druk komt te staan. Het verlenen van een vergunning is één onderdeel van het werk, maar het wordt interessanter zodra er bezwaar wordt gemaakt of een procedure volgt.
Dan begint het echte werk. Hij kijkt naar wat er wordt aangevoerd, of daar inhoud in zit, en hoe een besluit zo kan worden opgebouwd dat het overeind blijft.
In zo’n fase verschuift de aandacht. Het gaat niet langer alleen om het volgen van regels, maar om de vraag of een besluit juridisch standhoudt als het wordt getoetst.
Het is die combinatie van inhoud en strategie die het vak voor hem interessant houdt.
Omgevingswet
De invoering van de Omgevingswet heeft het werk er niet eenvoudiger op gemaakt. Sinds 1 januari 2024 is het juridische kader veranderd, terwijl de praktijk nog volop in ontwikkeling is. Richtinggevende uitspraken van de Raad van State ontbreken nog, waardoor veel vragen open blijven.
In de praktijk betekent dat dat iedereen nog zoekende is. Gemeenten, juristen en vergunningverleners proberen de nieuwe regels te duiden op basis van wetgeving en toelichting, maar zonder duidelijke kaders om op terug te vallen.
Dat wordt vooral zichtbaar bij het verdwijnen van de kruimellijst. Waar kleinere afwijkingen van het bestemmingsplan eerder relatief eenvoudig konden worden afgehandeld, vallen die nu onder een ander regime, waarbij minder duidelijk is wat er precies wordt gevraagd.
Hoe ver moet je gaan in je onderbouwing? Welke onderzoeken zijn noodzakelijk? Dat zijn vragen waar nog geen eenduidig antwoord op is.
Voor hem zit daar precies de uitdaging: blijven afwegen wat in een concreet geval echt nodig is, zonder het proces onnodig zwaar te maken.
“Juist bij kleinere plannen zit de grootste uitdaging. Een kleine afwijking kan juridisch groot worden als iemand besluit het aan te vechten.”
De rol van externen
Die behoefte aan perspectief speelt volgens Peter ook bij de inzet van externe professionals. Gemeenten maken steeds vaker gebruik van gedetacheerden of zzp’ers, en dat kan waardevol zijn.
Kennis van buiten komt naar binnen. Mensen hebben bij andere gemeenten gewerkt en nemen andere werkwijzen en inzichten mee.
Dat kan helpen om bestaande patronen te doorbreken en nieuwe invalshoeken te introduceren. Tegelijk blijft continuïteit belangrijk. Op bepaalde plekken is het waardevol om vaste mensen te hebben die de organisatie goed kennen en voor langere tijd betrokken blijven.
Het gaat om het vinden van de juiste balans.
De complexiteit van het kleine
Opvallend genoeg ligt de grootste uitdaging volgens hem niet bij de grote projecten, maar juist bij de kleinere plannen. Een extra verdieping op een woning of een beperkte afwijking vraagt om een andere benadering dan grootschalige gebiedsontwikkelingen, terwijl dat juridisch niet altijd zo wordt behandeld.
Daar ontstaat de spanning.
Het blijft noodzakelijk om af te wegen wat voor een project echt nodig is. Als die afweging ontbreekt, worden aanvragers onnodig belast. Tegelijkertijd kan het ook niet te licht worden. Zodra iemand bezwaar maakt, kunnen juist kleinere projecten onderwerp worden van complexe juridische discussies.
Achter één aanvraag gaan bovendien vaak meerdere adviezen schuil, van stedenbouw tot verkeer en archeologie. Dat maakt het proces minder voorspelbaar en vraagt meer beoordelingsvermogen van de professionals zelf.
De complexiteit van het kleine
Die behoefte aan perspectief speelt volgens Peter ook bij de inzet van externe professionals. Gemeenten maken steeds vaker gebruik van gedetacheerden of zzp’ers, en dat kan waardevol zijn.
Kennis van buiten komt naar binnen. Mensen hebben bij andere gemeenten gewerkt en nemen andere werkwijzen en inzichten mee.
Dat kan helpen om bestaande patronen te doorbreken en nieuwe invalshoeken te introduceren. Tegelijk blijft continuïteit belangrijk. Op bepaalde plekken is het waardevol om vaste mensen te hebben die de organisatie goed kennen en voor langere tijd betrokken blijven.
Het gaat om het vinden van de juiste balans.
Terug naar wat ertoe doet
Wat hem na al die jaren gemotiveerd houdt, zit in de combinatie van het vak en de mensen met wie hij werkt. Daarnaast blijft het publiek bouwrecht zelf hem aanspreken.
De meeste voldoening haalt hij uit momenten waarop het echt ergens om gaat. Wanneer een vergunning inhoudelijk klopt, maar onder druk komt te staan en het lukt om die overeind te houden. Dan zie je wat het verschil is tussen een besluit dat alleen op papier bestaat en een besluit dat standhoudt in de praktijk.
Voor jonge professionals is er geen vast pad nodig. Mensen komen met verschillende achtergronden in dit vak terecht, en dat is juist de kracht ervan. Belangrijker is dat je steeds terug blijft gaan naar de kern: waar gaat het hier echt over en hoe belangrijk is dit?
Want uiteindelijk draait dit werk niet alleen om regels of procedures, maar om het maken van keuzes die blijven staan, ook als iemand ze ter discussie stelt.
Dit is het werkveld waarin wij dagelijks werken.
Bekijk de mogelijkheden bij Refuerzo:
Planjurist Omgevingsrecht
HBO+ | 36 uur | Zuid-Holland | Tijdelijk
Vergunningverlener Omgevingswet
HBO+ | 36 uur | Zuid-Holland | Tijdelijk